Een gewoon DNS-record vertaalt een naam naar een IP-adres. Reverse DNS doet het omgekeerde: een PTR-record zegt welke naam bij een adres hoort. Voor de meeste diensten merk je niets als dat record ontbreekt. Voor mail wel, en daar gaat het meestal mis bij wie een eigen mailserver op een nieuw adres zet, bijvoorbeeld bij IP-transit of in een rack bij ons.
Waarom mail erop stukloopt
Ontvangende mailservers gebruiken reverse DNS als goedkope eerste filter tegen spam. Ze kijken naar het adres waar de verbinding vandaan komt en stellen drie vragen:
- Is er een PTR-record? — zonder record wordt de mail door veel servers direct geweigerd of krijgt hij een flinke spamscore.
- Wijst de naam terug naar hetzelfde adres? — het PTR-record voor
192.0.2.25noemtmail.example.nl, enmail.example.nlmoet weer naar192.0.2.25wijzen. Dat heet forward-confirmed reverse DNS. - Past de naam bij de server? — de naam waarmee je mailserver zich meldt (de HELO-naam) hoort dezelfde te zijn.
Een generieke naam als "host-192-0-2-25.provider.net" haalt de eerste vraag, maar valt bij de andere twee door de mand. Ook buiten mail helpt een goed record: in een traceroute, in logbestanden en bij een abuse-melding zie je direct over welke server het gaat.
Niet bij je DNS-provider
De misvatting is dat je het PTR-record instelt waar je je andere DNS-records beheert. Dat kan niet: reverse DNS staat in een aparte zone die hoort bij de adresruimte, niet bij je domeinnaam. Wie de IP-adressen uitgeeft, beheert die zone. Voor adressen van ons zijn wij dat, en daarom stel je het bij ons in.
Zo stel je het in
Onder Netwerk → Routing → IP-adressen staan je adressen met hun omschrijving en in de kolom Reverse DNS de naam die er nu bij hoort. Heb je niets ingesteld, dan staat er een standaardnaam van ons.
Klik een adres aan en vul bij de hostname de naam in die bij dit adres hoort. Staat het adres er nog niet, dan voeg je het toe met IP-adres toevoegen, binnen een van je eigen prefixen, met een omschrijving zodat je collega's later weten waar het voor is.
Vergeet daarna de andere kant niet. Het A-record (of AAAA voor IPv6) van dezelfde naam zet je bij je eigen DNS-provider, en de HELO-naam stel je in op je mailserver. Pas als die drie overeenkomen, is de controle rond.
Wie dit mag aanpassen, bepaal je zelf: reverse DNS valt onder het recht Netwerk beheren. Hoe je collega's daarvoor toegang geeft, lees je in Collega's toegang geven.
Waar je geen veld ziet
Bij sommige adressen staat in de kolom alleen een streepje en is er geen veld om in te vullen. Dan ligt de reverse zone niet bij ons, bijvoorbeeld bij eigen adresruimte die naar andere nameservers is gedelegeerd. Wij controleren elk uur welke zones naar onze nameservers wijzen. Een veld tonen voor een zone die we niet beheren, zou een belofte zijn die we niet kunnen waarmaken; daar stel je het in bij de partij die de zone host.
IP-adressen bij Xyphen IT
Reverse DNS zit bij elk IP-adres dat je van ons krijgt, of dat nu via IP-transit is of bij colocatie. Loopt je mail vast op een PTR-controle, of wil je eigen adresruimte bij ons onderbrengen? Neem contact op.